NICO-expeditie Netherlands Initiative Changing Oceans
2

Las Palmas - Willemstad

29 december - 23 januari

Etappe 2 was de langste etappe van de NICO-expeditie. Tijdens de reis van Las Palmas naar Curaçao bleef de Pelagia ten noorden van de evenaar, om via de Mid-Atlantische Rug richting de kust van Centraal-Amerika te koersen. 

Het plan was om daar de oceaanbodem bij de Amazone te onderzoeken, maar vanwege slecht weer werd de expeditie verlegd naar de kust van Suriname. Aan boord waren onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam, Universiteit Utrecht, Vrije Universiteit Amsterdam, Naturalis Biodiversity Center en NIOZ Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee. 

Ook in deze tweede etappe zijn monsters genomen voor onderzoek naar foraminiferen (eukaryote eencelligen met een uitwendig kalkskelet), dinoflagellaten (marien plankton), pteropoden (zeeslakken) en organische verbindingen. Gedurende de hele etappe werden er watermonsters genomen op verschillende dieptes, die vervolgens gescand werden op temperatuur, zoutgehalte, dichtheid en nutriënten. 

Onderzoeksthema’s
Tussen Las Palmas en Willemstad ging het om geologisch-klimatologisch onderzoek naar verschuivende moessonsystemen en stoffluxen uit de Sahara. Maar ook om biologisch onderzoek naar de verspreiding en groei van zeeslakken, megafauna (vogels, vliegende vissen, dolfijnen en walvissen) en om e-DNA, de DNA-sporen die alle dieren via slijm, schubben of uitwerpselen in het zeewater achterlaten. Ook werd er onderzoek gedaan naar fluxen van deeltjes en nutriënten in de oceanen. 
Hoofdonderzoeker Frank Peeters (Vrije Universiteit Amsterdam): “Het onderzoek naar de verticale verspreiding van plankton (inclusief groeistadia) moet inzicht geven in de gevolgen van de opwarming, verzuring en zuurstofafname in de oceaan. Zo was er in etappe 1, 2 en 8 onderzoek naar zeeslakken en foraminiferen met een kalkskelet. Wat is de invloed van oceaanverzuring op deze kalkschaaltjes? Waar leven de jongere en de oudere zeeslakken precies?”

Eerste resultaten en bevindingen
“De eerste bevindingen duiden erop dat de jongere zeeslakken dag en nacht in het oppervlaktewater zijn, en dus continu worden blootgesteld aan verzuring. Ook het effect van voedsel op de calcificatie is onderzocht, evenals de diepte waarop de organismen zich bevinden. Daaruit kunnen dan conclusies worden getrokken, bijvoorbeeld over de vraag in hoeverre de foraminiferen gevoelig zijn voor veranderingen in temperatuur of voor verzuring van de oceaan?”

“Hiernaast was er een biologisch onderzoek gericht op (mega)fauna: het ging om visuele observaties, dus tellingen van vogels, vissen en zoogdieren. Onderzoekers zaten daarvoor 12 uur per dag op het dak van de Pelagia. Dat gebeurde gelijktijdig met monstername voor onderzoek naar e-DNA (environmental DNA) en vis-DNA. Waar mogelijk werden er parallel aan de faunaobservaties ook e-DNA-monsters genomen om te kijken naar dwarsverbanden. Een van de doelen van het onderzoek is om er aan de hand van e-DNA achter te komen wat er op bepaalde plekken in het water van de oceaan zit. 
Ook werd er water uit het diepste deel van de oceaan omhoog gehaald om te kijken of er nuttige schimmels leven. Denk aan toepassingen in de gezondheidszorg. Misschien komt het nieuwe antibioticum wel uit de oceaan.”

De geologen aan boord onderzochten tijdens de tweede etappe vooral stoffluxen. “Heeft het stof uit de Sahara bijvoorbeeld invloed op het leven in de oceaan? Neemt het stof nutriënten mee, en beïnvloedt het daardoor processen als eutrofiëring? Daar waar er stof in de atmosfeer zat, zijn tegelijkertijd ook weer DNA-monsters genomen. De eerste resultaten zijn bekend: er is inderdaad DNA teruggevonden in monsters waar stof aanwezig was.”

Maar de meest bijzondere vondst tijdens deze etappe was toch wel de ontdekking van een nog onbekende dode vulkaan op de oceaanbodem. Die werd met behulp van de multibeam (een apparaat dat de bodem scant) ontdekt. “De vulkaan is niet meer actief. De sedimenten in de krater zijn goed bewaard gebleven. We hebben een boring gezet in de met sediment opgevulde krater, en die laat maar liefst 500.000 jaar klimaatgeschiedenis zien.”

“De eerste resultaten duiden erop dat er tijdens de meest recente ijstijd veel meer stof uit de Sahara in de atmosfeer aanwezig was. Mogelijk heeft dat stof een relatie met de CO2-kringloop. Meer stof zorgt voor meer voedingsstoffen in de oceaan, dit leidt tot meer productie van organische stof en daardoor meer onttrekking van CO2.”

Ten slotte was er onderzoek naar het verschuivende regenvalpatroon in de tropen. “De tropische zones waar het intens regent heten ook wel de intertropische convergentiezones (ITCZ). Het gaat om de zone met stijgende luchtbewegingen in de buurt van de evenaar als drijvende kracht achter regenval. De ITCZ verschuift niet alleen met de seizoenen, maar ook in de loop der tijd. Er is een topografische verschuiving over de lange termijn zichtbaar in de geologische archieven van de zeebodem. Ook voor de kust van Suriname, waar we hebben gekeken naar sedimenten. Daaruit blijkt dat Suriname in het meest recente deel van de geschiedenis relatief droog is geweest. Uit de eerste resultaten blijkt dat Suriname 60.000 tot 20.000 jaar geleden veel natter was. 

Ook blijkt dat de tropische regenzone zelf aan het verschuiven is. We wisten al dat Venezuela en de Antillen droger worden. Maar dat Suriname nu natter blijkt te worden, duidt op een zuidwaartse verschuiving van de regenzone. Deze waarnemingen zijn ook van belang voor het klimaat in Europa. Het is nog te vroeg om definitieve conclusies te trekken, want de puzzel is nog niet af.”
 

Gerelateerde nieuws- en blogberichten

Nieuwe lichting opstappers veilig de zee op

Wist je dat iedereen die meegaat aan boord van de RV Pelagia eerst verplicht een Safety@Sea training moet volgen? Dan leer je bijvoorbeeld wat je moet doen bij een evacuatie op zee. Hoe dat [...]

12 maart 2018
NPO Radio 1 | Gevleugelde slakjes in het nieuws

NICO-onderzoekster Lisette Mekkes aan het woord in de uitzending van Nieuws en Co op NPO Radio 1 over de gevleugelde slakjes die ze vond tijdens de 2e etappe van de NICO-expeditie.

8 februari 2018
Vogels tellen in de nietsontziende zon

Vier weken lang, twaalf uur per dag, telde zee-ecoloog Jaap van der Meer op volle zee vogels, hoog bovenin onderzoeksschip de Pelagia, in de verzengende hitte.

30 januari 2018
Einde van NICO-etappe 2: lange transits en lange stations

De tweede NICO-etappe zit erop! We liggen in de haven van Curaçao en kijken uit op de Koningin Julianabrug en de kleurrijke huisjes van Willemstad. Met bijna 4200 zeemijl erop is het tijd om [...]

24 januari 2018
Lekkende toeristenpoep of toch natuurverschijnsel?

Enorme matten donkere wierenprut, fluffy draden die als je ze aanraakt uit elkaar vallen. Ze lijken op de schimmels die je in treurige hotels weleens in de badkamer vindt. Wat doen deze [...]

23 januari 2018
Op zoek naar oceaanschimmels & DNA-sporen van vissen en zoogdieren

Wat vertellen de allerkleinste deeltjes in het zeewater ons? NIOZ-onderzoeker Judith van Bleijswijk is dagelijks in de weer met zakjes en potjes zeewater. Ze is geïnteresseerd in de [...]

22 januari 2018
Een vulkanische verrassing op de Mid-Atlantische Rug

Halverwege de tweede etappe van de NICO-expeditie dobbert ons schip midden op de Atlantische Oceaan. De Mid-Atlantische Rug (MAR) is een interessante locatie voor mariene geologen want op [...]

18 januari 2018
Varend planktonlab op de Atlantische Oceaan

Tijdens de NICO-expeditie doen we ook onderzoek naar plankton op zee. We zetten zogenaamde ‘multinetten’ uit waarmee we vleugelslakken en ander zoöplankton vangen op precieze [...]

16 januari 2018
Geen wetenschap zonder de bemanning van de RV Pelagia

Wetenschap op zee is nergens zonder een belangrijke groep mensen aan boord: de bemanning. Op de RV Pelagia is een team van dertien man sterk de hele dag bezig ons onderzoek te faciliteren. [...]

11 januari 2018
Door het stof gaan voor de wetenschap

We varen inmiddels in de tropen, maar van een strak blauwe lucht kunnen we niet genieten. Die zit verstopt achter een dikke laag woestijnstof dat neerdwarrelt op ons schip. Het Saharastof [...]

8 januari 2018
De vliegende vis die de verkeerde kant op vluchtte

Tellen, daar houden marien biologen van. Tijdens onze tocht naar Curaçao is deze, niet geheel onaardige job, weggelegd voor Jaap van der Meer en Bram Feij van het NIOZ. We varen inmiddels [...]

2 januari 2018
De thermostaat van het klimaat

De tweede etappe van de NICO-expeditie is van start gegaan! Vanaf Las Palmas is het onderzoeksthema ‘de thermostaat van het klimaat’. De RV Pelagia vaart van de Canarische Eilanden via de [...]

29 december 2017
Algen en kalkskeletjes als fossiele thermometers

Sinds half december 2017 bevindt onderzoeksschip Pelagia zich op de Atlantische Oceaan, als onderdeel van de grootschalige NICO-expeditie. Gedurende een half jaar zullen bijna honderd [...]

29 december 2017
Etappe 2: Las Palmas - Curaçao

De tweede etappe van de NICO-expeditie is van start gegaan! Vanaf Las Palmas is het onderzoeksthema ‘de thermostaat van het klimaat’. De RV Pelagia vaart van de Canarische Eilanden via de [...]

28 december 2017

Meer legs